Een kind is niet zijn gedrag

Kinderen zijn niet hun gedrag

Gevoelens en gedachten van kinderen vertalen zich in hun gedrag. Dit gedrag geeft niet rechtstreeks en volledig toegang tot hun gevoelswereld, maar laat er wel iets van zien. Bovendien verwijst het gedrag niet zomaar naar één gevoel, maar vaak naar meerdere gevoelens en gedachten. Je zou dit kunnen vergelijken met een ui die verschillende lagen heeft. Je kunt blijven pellen, totdat je bij de zachte kern komt. Zo gaat het ook met de gevoelswereld van je kind. Er bevinden zich heel wat ‘lagen’ onder het zichtbare gedrag aan de buitenkant. En ook hier is de onderste laag de meest kwetsbare.

Reactie op het gedrag

Je kind zal dus vooral door te doen aan je laten zien hoe het zich voelt en dit kan soms verkeerd uitgelegd worden. Als volwassenen reageren we vaak op het gedrag dat we aan de buitenkant zien en meemaken. Als een kind bijvoorbeeld regelmatig in woede uitbarst, zijn we geneigd zelf ook boos te reageren of we geven straf in de hoop dat het kind tot andere inzichten komt. We begrijpen een kind niet altijd goed en vullen zelf in wat er met een kind aan de hand zou kunnen zijn. Maar het gedrag van het kind past lang niet altijd bij hoe het kind zich in werkelijkheid voelt. Het eerste wat je kind nodig heeft, is erkenning voor het lastige gevoel dat het met je deelt. Je kind maakt zich hierdoor immers kwetsbaar voor je. Veel woorden heb je daar als ouder niet altijd voor nodig. Lichaamstaal, een omarming, en de eenvoudige woorden “Ach kind toch..”, zijn helend. Vermijd een discussie over de beleving en zienswijze van je kind en accepteer zijn gevoelens. Hierdoor komt er ruimte voor verbinding.

Tegenstrijdige gevoelens accepteren

Gevoelens kunnen naast elkaar aanwezig zijn, ook tegenstrijdige gevoelens. Het omgaan met tegenstrijdige gevoelens is nodig, zodat je kind later in staat zal zijn tot evenwichtige relaties. Toch is het niet altijd gemakkelijk om ook de minder aangename gevoelens van je kind te accepteren. En zeker niet als deze schijnbaar tegen jou als ouder gericht zijn. En het wordt nog lastiger als je je als ouder zelf uit evenwicht voelt. Zo kan het voorkomen dat je kind enerzijds moeilijk hanteerbaar gedrag vertoond en aan de andere kant heel erg jouw nabijheid opzoekt door zich op momenten aan je vast te klampen. Je kind is koppig, continu in strijd met jou en gaat overal tegenin. Toch stelt hij zich ook erg afhankelijk op en wordt onrustig en bang als je niet in de buurt bent. Dit gedrag kan naast elkaar bestaan doordat de veranderende situatie je kind uit evenwicht brengt. Je kind weet niet wat er allemaal gaat gebeuren en hij is zijn vertrouwde basis kwijt die hem veiligheid gaf. Hij is én boos én aanhankelijk én bang dat één van de ouders voorgoed zal weggaan, en zo zijn er nog veel meer gevoelens waar hij geen weg mee weet.

Verborgen behoefte

Hoe lastiger het gedrag, hoe meer je kind in pijn is en jouw liefde en begrip nodig heeft. Wanneer je als ouder je kind wil begrijpen, moet je aandachtig kijken naar het gedrag van je kind. Je moet je afvragen wat de betekenis is van dit gedrag. Er schuilt altijd een positieve intentie onder het gedrag van je kind! Het is de kunst op zoek te gaan naar de behoefte van je kind. Wat denkt en voelt je kind en hoe staat dit in relatie tot zijn gedrag? Kinderen hebben altijd een goede reden voor hun gedrag. Omdat ze nog niet een andere oplossing hebben, is het gedrag dat ze laten zien de beste keus voor hen op dat moment. Ze willen het van nature graag goed doen. En als ze het zo goed doen als binnen hun mogelijkheden ligt, is het dan eerlijk om ze hiervoor te straffen? Of terecht te wijzen? Het gedrag van je kind komt ergens vandaan. Het meemaken van een scheiding kan ervoor zorgen dat je kind zich anders of ongewenst gedraagt. Er kan teveel van je kind gevraagd worden waardoor het gedrag een uiting is van de behoefte aan warmte, aandacht of waardering.

3 tips om de behoefte van je kind te achterhalen:

  1. Observeer. Kijk naar je kind, zonder meteen in te grijpen.
    Kijk naar wat hij doet en let daarbij ook op zijn lichaamshouding en gezichtsuitdrukking. Verplaats je in je kind en kijk hoe hij zich voelt. Probeer ook te achterhalen wat hieraan vooraf is gegaan. Door naar je kind te kijken zonder er direct een oordeel over te vellen of in te grijpen, kun je het gedrag loskoppelen van je kind.
  2. Ontdek de positieve intentie die het gedrag stuurt.
    Bedenk wat je kind met bepaald gedrag wil vertellen. Als je erachter kunt komen wat er aan de hand is en je je kind kunt helpen met het onderliggende probleem, verdwijnt vaak ook het lastige gedrag. Stel jezelf de volgende vragen: Waar worstelt mijn kind mee? Zit hem iets dwars? Is mijn kind moe? Heeft hij meer aandacht nodig? Is er onvoldoende rust of zijn grenzen ver te zoeken? Waar heeft mijn kind behoefte aan? Wat wil mijn kind mij laten inzien?
  3. Praat erover met je kind, stel vragen en wees nieuwsgiering.
    Probeer samen met je kind na te gaan waardoor je kind zich anders/ongewenst gedraagt. Wanneer en bij wie laat je kind ander gedrag zien? En probeer er samen achter te komen hoe je kind zich dan voelt. Kinderen voelen vaak feilloos aan wat er speelt en hier mag je als ouder op vertrouwen. Ga daarbij ook af op je eigen intuïtie. Als ouder ken je je kind immers het best.

Geschreven door: Myra

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *